• Saartje Baert

PAUL SIMON, de biografie – ROBERT HILBURN



Ik heb getwijfeld of ik dit boek aan mijn ‘Iklaseens’-lijst zou toevoegen. Want het betreft een biografie. Geen hoogstaande literaire fictie. En dus kan het zijn dat dé mensen mijn keuze voor ‘Paul Simon – de biografie’ hier totaal misplaatst vinden. Dé mensen die Paul Simon niet kennen of geen interesse hebben in de man, gaan aldus ook geen interesse hebben in deze recensie. Nu niet, gisteren niet en waarschijnlijk ook morgen niet. En toegegeven, een mens schrijft recensies opdat ze ook gelezen zouden worden. En wie weet, heel misschien, ergens ooit eens, ook geapprecieerd zouden worden.


Zucht.


Na diep graven in mezelf vond ik eindelijk wat ik nodig had om uit deze impasse te geraken: mijn ‘lefgozer-houding’?! Dit is ze: ‘FOERT’! Het doet er niet toe wat dé mensen vinden. Als ik Paul in mijn clubje wil, dan zorg ik ervoor dat Paul in mijn clubje komt. Hupla! Daar hebben dé mensen niet van terug!


Bon, Paul is dus welkom in mijn lijst. Méér dan zelfs… Ik heb allesbehalve de bedoeling om hier een ellenlange beschouwing neer te schrijven van de schrijfstijl van Robert Hilburn. Ik onderschat de moeilijkheid van het schrijven van een biografie helemaal niet! Het lijkt me potverdorie niet simpel om het leven van zo’n veelzijdig man neer te pennen en te ballen tot een overzichtelijk geheel. Maar een biografie lees ik in de eerste plaats omdat ik de mens wil kennen waarover verhaald wordt. De schrijfstijl is daarbij van secundair belang. Niet onbelangrijk, maar niet cruciaal.


Ik heb het boek uit de rekken gehaald omdat ik een grote bewonderaar ben van de heer Paul Simon. Ik heb de man lange tijd gezien als onlosmakelijk verbonden met ‘Simon and Garfunkel’. Maar niks is minder waar. Tot mijn grote consternatie lagen de 2 mannen meer vijandelijk te rollebollen dan wat anders (bij manier van spreken, hè). Paul Simon was dus vooral alléén aan zet tijdens zijn carrière. Zonder Artie. Slechts enkele jaren werkten Paul en Artie vlot samen. Toegegeven, het resultaat van die samenwerking is wel kippenvel-opwekkend van de bovenste plank. De muziek en de teksten waren van de hand van Paul, de zang stond het gros van de tijd op naam van Arthur Garfunkel.


Toen ze na enkele jaren elk hun eigen weg gingen, nam Paul de zang over. Hij is zeker niet de grootste zanger aller tijden, maar hij is voor mij wel een van de grootste songwriters aller tijden. Wat hij neerpent, is bij momenten pure poëzie. Ooit kreeg Bob Dylan de Nobelprijs voor literatuur. Wel, als we dan toch singer-songwriters bedelen met deze prijs (en ik ben daar blij om!), dan mag voor mijn part Simon die eer ooit ook te beurt vallen.


Wat mij vooral van m’n sokken heeft geblazen, is zijn ‘non-stop-modus van creëren’. Het ene album is nog niet af of het volgende piept al om de hoek. Een verhaal, een beeld, een zin … alles grijpt hij aan om inspiratie uit te putten. Ook muzikaal kijkt en luistert hij goed rond zich. Hij haalt zijn muziekinspiratie werkelijk van o-veral ter wereld. Hij verzamelt muzikanten uit alle landen en probeert de neuzen in dezelfde richting te krijgen. Zijn richting, welteverstaan. Want hij weet heel goed wat hij wil. Dat durfde zo nu en dan wel eens verkeerd uit te pakken, (when ego meets ego), maar meestal waren de muzikanten zó vereerd om met zo’n talent te werken, dan ze maar al te graag hun neus zijn kant uit lieten draaien.


Ik ben al sinds mijn kindertijd gretig aan het smikkelen en smullen van liedjes als Bridge over troubled water, Cecilia, Mrs. Robinson, Me and Julio down by the schoolyard, Graceland, You can call me Al, American Tune… De biografie heeft me de achtergrond en het ontstaan van deze (en nog massa’s meer) liedjes bijgebracht. Ik vond het heerlijk om in die verhalen te duiken (én in het hoofd van Simon). Ronduit heerlijk.


Mochten Paul en ik elkaar kennen en met elkaar eens een theetje ofzo gaan drinken, dan zou hij sowieso tegen mij zeggen: “Goed van jou, Saartje, dat ik op je ‘Iklaseens-lijst’ mag staan. Dat betekent veel meer voor mij dan een Grammy in de wacht slepen! (Oké, dat zou hij misschien niet zeggen, maar in mijn hoofd klopt het wel). Trek je zeker niet aan wat dé mensen van je zeggen. Mocht ik dat gedaan hebben, ik zou al 100 keer gestopt zijn, want dé mensen hebben me ontzettend vaak uitgefloten. Doorzetten. Daar draait het om. En geloven in jezelf. En nu, santé! Op ons, Saartje!”

1 view

Recent Posts

See All